Longontsteking bij ouderen

Longontsteking bij ouderen

Er komt steeds meer aandacht voor longontsteking bij ouderen. Alleen al vanwege het feit dat Nederland steeds meer vergrijst. Ouderen en vooral ouderen met één of meer chronische ziekten lopen een verhoogd risico op het krijgen van infectieziekten vanwege een met de leeftijd afnemende immuniteit en daardoor een steeds kwetsbaarder wordende gezondheid. Vooral influenza (griep) en infecties van de onderste luchtwegen, waarvan longontsteking de meest voorkomende is, hebben -zo blijkt uit allerlei onderzoek- een grote invloed op de gezondheid en het welbevinden van ouderen. Longontsteking is een belangrijke doodsoorzaak bij ouderen. Ofschoon longontsteking bij alle ouderen kan optreden, vormen kwetsbare ouderen een groep met een verhoogd risico op longontsteking en eventuele complicaties die daaruit kunnen voortvloeien. Oudere mensen lopen ook nog eens meer kans op het krijgen een zware longontsteking of een dubbele longontsteking. Men spreekt van een 'dubbele longgontsteking' wanneer de ontsteking in beide longen aanwezig is.

Waarom lopen ouderen meer risico op longontsteking?

Er zijn een aantal factoren waarom ouderen meer vatbaar zijn voor longontsteking:

Zwakkere gezondheid

Oudere mensen zijn gewoon meer kwetsbaar dan andere individuen. Oudere mensen hebben er soms moeite mee om afscheiding te verwijderen uit hun longen. Omdat ze de afscheiding uit de longen niet goed kunnen ophoesten, zijn ouderen vatbaarder voor infecties. De afscheiding zal dan eerder in de bronchiën terechtkomen, waar ze een infectie veroorzaken.

Verzwakt immuunsysteem

Ouderen hebben vaak een zwakker immuunsysteem, waardoor ze een infectie minder goed de kop in kunnen drukken. Daarnaast kan het gebruik van geneesmiddelen die de afweer (immuunsysteem) van het lichaam verzwakken van invloed zijn.

Aandoeningen

Ouderen hebben vaak last van allerlei andere aandoeningen, zoals diabetes (suikerziekte), ziekte van Parkinson, kanker of hiv. Hierdoor zijn ze vatbaarder voor longontsteking. Indien een persoon een longaandoening heeft, zoals cystic fibrosis, astma, COPD (chronische obstructieve longziekte), bronchiëctasieën (een zeldzame longziekte, waarbij delen van de longen constant verwijd en geïrriteerd zijn), dan heeft hij of zij een groter risico op het krijgen van een longontsteking.

Operatie

Senioren die een operatie hebben ondergaan, zijn extra kwetsbaar. Oudere patiënten die last hebben van pijn, krijgen vaak pijnstillers toegediend. Hierdoor kunnen oppervlakkiger gaan ademhalen, wat resulteert in het ophopen van slijm in de longen wat ene infectie in de hand kan werken.

Wat zijn de symptomen van een longontsteking bij ouderen?

Bij alle vormen van longontsteking zijn de belangrijkste kenmerken:

  • koorts
  • hoesten
  • het opgeven van slijm, soms vermengd met bloed

Dit kan gepaard gaan met de volgende klachten:

  • pijn op de borst
  • rillingen
  • kortademigheid en benauwdheid

De symptomen en klachten kunnen bij ouderen evenwel afwijkend zijn. Een longontsteking bij ouderen zal veelal niet gepaard gaan met het ophoesten van slijm. Voorts zal een longontsteking bij ouderen niet zelden gepaard gaat met storingen in het denken en een plotseling optredende verwardheid (delirium). Een delirium kenmerkt zich door de volgende symptomen:

  • In gesprek met de oudere lijkt niet alles tot hem door te dringen. Hij kan af en toe wegzakken en hij heeft moeite om de aandacht erbij te houden.
  • De oudere kan onrustig zijn. Een oudere patiënt die op bed ligt, kan steeds de neiging hebben om uit te bed te komen.
  • Het geheugen van de oudere functioneert minder goed, vooral het korte termijn geheugen waardoor hij in herhaling valt.
  • De oudere kan dingen waarnemen die er in werkelijkheid niet zijn, van bekende personen zijn tot beestjes.
  • Het kan zelfs zo zijn dat de oudere je niet herkent of je voor een ander aanziet.
  • De persoon kan angstig worden en vanuit die angst soms agressief en opstandig reageren.

Een longontsteking kan een reeds bestaande aandoening verergeren. De symptomen van een virale longontsteking zijn grofweg dezelfde als die van een bacteriële longontsteking. Wel kunnen de ziekteverschijnselen van een longontsteking veroorzaakt door virussen trager optreden en op het eerste gezicht niet zo erg lijken als bij een longontsteking veroorzaakt door bacteriën.

Hoe wordt een longontsteking behandeld?

Bij een bacteriële longontsteking zijn toediening van antibiotica de aangewezen weg. Als de veroorzaker een virus is, kan overgegaan worden tot het geven van virusremmers. Bij een ernstige longontsteking of als er complicaties optreden, kan een ziekenhuisopname nodig zijn. Gemiddeld mag een patiënt na 6 tot 7 dagen het ziekenhuis verlaten, maar bij oudere patiënten duurt het vaak wat langer.

Geraadpleegde literatuur:

- Bijkerk P, Lier EA van, Vliet, JA van, Kretzschmar MEE. Staat van Infectieziekten in Nederland 2008. Bilthoven: RIVM; 2009.

- Bijkerk P, Lier EA van, Vliet JA van, Kretzschmar MEE. Effecten van vergrijzing op infectieziekten. Nederlands Tijdschr Geneeskd 2010; 154:A1613.

- UMCG. Acute verwardheid: delirium.


Geschreven door