BMI berekenen/buikomvang meten

BMI berekenen

Overgewicht en obesitas kan worden gedefinieerd als een abnormale of buitensporige opeenhoping van vet dat de gezondheid ongunstig kan beïnvloeden. Aan de hand van de Body Mass Index (BMI), kan eenvoudig berekend worden of je een gezond gewicht hebt of juist te dik of te dun bent.

Het was de Belgische statisticus Adolphe Quetelet (1796 - 1974) die vaststelde dat bij mensen boven de 20 jaar het lichaamsgewicht recht evenredig toeneemt met het kwadraat van hun lengte. De Quetelex-index, beter bekend als de Body Mass Index, kortweg BMI, is een index van gewicht-naar-lengte, welke heden ten dage algemeen wordt gebruikt om overgewicht en obesitas te definiëren in volwassen populaties en individuen.





Hoe bereken je je BMI? Het berekenen van je BMI is hetzelfde voor mannen en vrouwen. Je BMI kun je berekenen door je gewicht in kg te delen door je lengte in het kwadraat in meters (kg/m2). Een BMI tussen de 19 en 24 staat voor een normaal gewicht, een BMI tussen de 25 en 29 wijst op overgewicht en als je een BMI hebt boven de 30, dan is er sprake van obesitas. Boven de 35 spreekt men van morbide obesitas en dat klinkt niet alleen ernstig, maar het is ook ernstig. Het is funest voor je gezondheid. Onder de 18,5 is er sprake van ondergewicht, ook geen gezonde toestand. Ondergewicht kan leiden tot een afname van je conditie en zwakkere botten. 

Een voorbeeld: stel, je lichaamsgewicht is 80 kg. Deel dit door het kwadraat van je lichaamslengte (bijvoorbeeld 1,80 x 1,80 m). Je BMI is in dat geval 80 gedeeld door 3,24 is 24,69. Prima dus.

Let op: de BMI is bedacht als maat voor de algemene bevolking en bedoeld voor mensen met een gemiddelde spier- en vetmassa. De uitkomst van de BMI is daarom minder geschikt als tot één van deze groepen behoort:

  • jonger dan 2 jaar;
  • ouder dan 70 jaar;
  • kleiner bent dan 1.58m;
  • langer bent dan 1.90m;
  • het hebben van een grote spiermassa (atletische bouw);
  • het hebben van een andere lichaamsbouw (bijv. Aziatische bouw);
  • zwanger zijn (bron: www.hartstichting.nl).

 

Overigens geldt voor kinderen (2-18 jarigen) andere afkapwaarden, welke niet opgenomen zijn in dit artikel. 



Buikomvang meten

Niet alleen je BMI is van belang, maar je moet ook allert zijn op overtollig vet bij de buik. Uit onderzoek blijkt dat teveel lichaamsvet rondom de taille extra schadelijk is voor je gezondheid. Bij een BMI rond de 30 en een grote buikomvang, loop je zeer grote kans op ernstige hart- en vaatziekten. Een buikomvang bij mannen boven de 102 cm en bij vrouwen 88 cm is te hoog. Doordat vrouwen een hoger vetpercentage hebben, geldt voor hen een andere gezonde buikomvang dan voor manen. Dit geld overigens ook voor ouderen en mensen uit Azië. Ook zij hebben een hoger vetpercentage dan respectievelijk mannen, jongere mensen en Europeanen bij dezelfde BMI.

Leg een centimeterband midden tussen je onderste ribben en de bovenkant van je heupbeen. Zorg ervoor dat de centimeterband goed aansluit, maar trek hem niet te strak aan. Dat geeft een vertekend beeld. Meet je taille op nadat je hebt uitgeademd.